Drie romans over 11 september 2001

Na zeven jaar is het duidelijk dat de gebeurtenissen op 11 september 2001 een nieuw politiek tijdperk hebben ingeluid. De erfenis van deze ene datum is immens. Maar wat is de invloed ervan op de Amerikaanse literatuur? Een verkenning van enkele boeken uit de jaren na 9/11.

New York City staat in de verbeelding op eenzame hoogte. De stad is het toonbeeld van glamour en glitter, van de Amerikaanse droom, van de smeltkroes van culturen, maar ook van leegte, criminaliteit en drugsgebruik. In de kunsten leidde dat tot gevarieerde interpretaties: van de boeken van Paul Auster tot de televisieserie ‘Sex and the City’. Al eerder was ook in de literatuur duidelijk geworden hoe dun de laag schone schijn kan zijn; de roman ‘American Psycho’ van Brett Easton Ellis toont aan welke leegte er gaapt onder een schijnbaar succesvol leven in The City. De aanslagen van 9/11 verenigden rijk en arm als slachtoffers en hulpverleners; de ramp maakte New York ook een symbool van de kwetsbaarheid van een open samenleving.

Fictie en non-fictie

Er zijn spannende verhalen geschreven over reddingen door dappere brandweermannen. Evengoed bestaan er hartverscheurende boeken over mensen die hun toevallige aanwezigheid bovenin één van de WTC-torens met de dood moesten bekopen. Maar wie wil er een boek lezen dat erop los fantaseert over de precieze omstandigheden op die plek op dat moment? Goede romans over 9/11 verschijnen slechts druppelsgewijs.

Omzichtigheid

Kennelijk is de werkelijkheid van 9/11 te prozaïsch om een plek te vinden in de kunst. Zijn er dan geen toonaangevende auteurs die de moeite hebben genomen om 11 september te verbeelden? Bij de auteurs die een poging deden, valt de omzichtigheid op waarmee ze het thema benaderen. Onderstaand bespreek ik ‘Extremely Loud and Incredibly Close’ van Jonathan Safran Foer, over een jongen wiens vader omkomt bij de aanslag, ‘Het goede leven’ van Jay McInerney, over liefde en liefdadigheid na 11 september en tot slot ‘Netherland’ van Joseph O’Neill, waarin 11 september de katalysator van een relatie is.

Oskar

In dit boek, het tweede van de jonge schrijver Jonathan Safran Foer, worden de ontzettende gebeurtenissen van 11 september ‘omgeleid’ via het verhaal van het vroegwijze jongetje Oskar Schell. De lezer wordt geheel ingenomen voor Oskar, een kruising van Holden Caulfield in J.D. Salinger’s ‘The Catcher in the Rye’ en de autistische Christopher in ‘The Curious Incident of the Dog in the Night-time’ van Mark Haddon. Oskar verloor zijn vader bij de aanslagen, maar wordt voortdurend aan hem herinnerd door een mysterieuze envelop met het woord ‘Black’ erop. De ‘zware laarzen’ waarin Oskar zich voelt staan als hij aan zijn vader denkt, staan in schril contrast tot de vriendelijke wereld om hem heen, die doet denken aan de dagen voor 11 september.
Langs een kakofonie van vormen, afbeeldingen, zoektochten en het dagboek Things that happened to me brengt Safran Foer de kleine Oskar – in zijn naam weerklinkt de blikken trommel van Günther Grass’ Oskar Matzerath – met al zijn wijsneuzigheid naar de conclusie die achterin het boek verbeeld is: stel dat alles omgedraaid was? Dan zou de vallende man omhoog getuimeld zijn, terug de wolkenkrabber in, en leven. En ze zouden veilig zijn.

Het goede leven

Het besef dat 11 september een onomkeerbare verandering in een leven bewerkstelligt, komt ook sterk naar voren in ‘Het goede leven’. Het boek begint op de avond van 10 september en vervolgt op 12 september. McInerney zelf erkende ooit dat het hem beter leek om 11 september weg te laten uit het verhaal: ‘dat kunnen de mensen zelf wel invullen; iedereen zag immers de torens vallen op televisie?’.
In het middelpunt van het boek staat de ontmoeting tussen de huismoeder-scenarioschrijfster Corrine Calloway en de met werken gestopte Luke McGavock. Het decor voor hun ontmoetingen in de weken na 11 september wordt gevormd door een soepkeuken waar vrijwilligers eten klaarmaken voor reddingswerkers op Ground Zero. Haarfijn wordt door McInerney ontrafeld hoe ieder in dat najaar van 2001 zijn eigen wanhoop kent; van de ‘9/11-weduwe’ die zich onder tafel drinkt tijdens een etentje tot de dochter van Luke die op 14-jarige leeftijd een overdosis drugs neemt. Veel vormen worden in stand gehouden: luxe etentjes, de styliste voor Lukes wondermooie maar ontrouwe vrouw Sasha. Onderhuids broeit echter de verwarring. Illustratief hiervoor is de woede en afkeer die Corrine voelt wanneer blijkt dat Russell haar heeft bedrogen met zijn secretaresse – terwijl ze zelf smacht naar een nieuw begin met Luke.

Vergankelijkheid

De hoofdpersoon in de roman ´Netherland´ van Joseph O´Neill is Hans van den Broek, een van oorsprong Nederlandse beursanalist die met zijn Engelse vrouw Rachel en hun zoontje Jake in New York woont. Ze zijn gedwongen uitgeweken naar het Chelsea Hotel om de reiniging van hun appartement dichtbij de ingestorte torens van het World Trade Center af te wachten. Dat teruggaan en het appartement weer betrekken geen optie is, blijkt wanneer Rachel besluit met de kleine Jake terug te gaan naar haar ouders in Engeland. Hans blijft achter in het hotel, officieel getrouwd maar in de wetenschap dat er van zijn huwelijk weinig over is.

Cricket

In de stille weekends houdt de weinig daadkrachtige hoofdpersoon zich twee jaar lang op met de vreemde gasten van het Chelsea Hotel. Ook komt hij, die als jongen cricket leerde spelen bij het Haagse HBS in aanraking met New-Yorkse cricketers, die veelal afkomstig zijn uit de West-Indies. Hij raakt bevriend met Chuck Ramkissoon, een immigrant uit Trinidad, die, geïnspireerd door de saamhorigheid na 11 september, energiek streeft naar het realiseren van een nationaal cricketcentrum in New York, maar zich eveneens inlaat met schimmige zaakjes – en uiteindelijk dood gevonden wordt in een kanaal.

Katalysator

Ook in ‘Netherland’ relativeert de hoofdpersoon zijn persoonlijke betrokkenheid bij 11 september. Hij was weliswaar in Manhattan toen de ramp zich voltrok, maar had net zo goed vanaf Madagascar de televisiebeelden kunnen volgen, houdt hij zichzelf voor. Desondanks kan hij zijn irritatie niet onderdrukken wanneer een tafelgenoot de aantallen slachtoffers van 11 september begint te relativeren. Die irritatie is zeldzaam bij de analist Hans van den Broek, die van de schrijver voortdurend alle tijd krijgt om in gedachten terug te gaan naar zijn jeugd, naar de vroegste tijd van zijn huwelijk, kortom naar de tijd waarin de barsten in zijn bestaan nog niet zichtbaar waren. De gebeurtenissen van 11 september 2001 dienen in ‘Netherland’ als katalysator, als vergrootglas, als referentiekader voor de hoofdpersoon. Het is die rol die 11 september zal blijven spelen, lang nadat de paniek over de grootschalige confrontatie met de menselijke vergankelijkheid is weggeëbd uit New York City.

Extremely Loud and Incredibly Clear
Jonathan Safran Foer
Uitg. Penguin, Londen, 2005. 326 blz., 11,99 euro

Het goede leven (vertaling van The Good Life door Mathilde Holkamp en Maarten Polman)
Jay McInerney
Uitg. De Bezige Bij, Amsterdam, 2006. 413 blz., 19,90 euro

Netherland
Joseph O’Neill
Uitg. Pantheon, New York, 2008. 256 blz., 22,99 euro

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Recensies

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s